1946-1947: De allereerste spelers

1946-1947: DE ALLEREERSTE VOETBALLERS

01_b_oudste_foto_sepia_500x344.jpg
De oudste foto van Roda'46, in 1947 nog v.v. Hamersveld.
Op Hemelvaartsdag 1947 speelde Hamersveld a tegen ASVA Amsterdam. De uitslag van 5-1 voor Hamersveld. Van de zes deelnemende elftallen wist alleen dit team van Hamersveld zijn wedstrijd te winnen. Ze sleepten daarmee de eerste prijs in de wacht, tevens Hamersveldse eerste medaille.

Op de foto achterste rij v.l.n.r.: Evert Glismeijer, Evert v.d.Heide, Joop v.d.Pol, Niek van Egdom, Ben Nooteboom en Joop.Bloemendal (jeugdleider).
Voorste rij v.l.n.r.: Rinus Vrijhoef, Henk Schimmel, Gart Blom, Gerrit Glismeijer, Jan Tijmans en Hans v.d.Pol.     

 
De club meldt zich in 1947 aan bij de KNVB. De naam RODA moet van de KNVB veranderen, want er is al een vereniging met die naam. De naam wordt gewijzigd in "Hamersveld". Op 7 maart 1947 start de vereniging in KNVB-verband en wordt ingedeeld in de vierde klasse onderafdeling Utrecht. Een jaar later gaat het team over naar de derde klasse. Niet door een kampioenschap of andere promotie, maar omdat de vierde klasse wordt opgeheven.

In de beginjaren speelt het seniorenvoetbal bij de club zich volledig op zondag af. 

Eén van de eerste teams

Het eerste elftal bestond uit een stelletje atleten!
 
Doel: Ton Broekman, een goeie keeper.

Achter: Wim Vrijhoef, was nog wel eens in de lappenmand, Dirk Du Pree, een rustige, kalme speler.

De spil was wel de aanjager van het elftal (trouwens op de vergadering gebruikte hij ook wel eens de vuist op tafel) en een stem, mensen, geweldig! Henk v.d. Water.
Deze werd links door René of Anton van Eijden en rechts door niet minder dan Jan Keizer, de schoenmaker, op de half-plaatsen geassisteerd (tactiek hè, gratis ballen en schoenen gemaakt, want geld was er toen ook al niet) en Wim Schut, de kapper (iedere speler was dus netjes geknipt).

De voorhoede: Berend van Egdom, als die op snelheid was ging hij overal door heen, een echte Rodaman! Linksbuiten Claris Versteeg (wat kon die hard schieten). De binnenspelers wisselden nog wel eens, want we hadden meer dan elf goede spelers. Soms Snoek, maar die waande zich wel eens in de boksring. De gebroeders Henk en Wim Bransen, Kruifje, Gerrit Vonk of Piet Daatselaar. De midvoor, Joop Bloemendal, 17 jaar jong, moest alleen maar zorgen voor de doelpunten.

Want de spelwijze volgens trainer Groenevelt: verre hoge trappen naar voren en dan wie het hardst kon lopen.

We gingen, als het in de buurt was, met de fiets en anders met de vee-auto. Later gingen we met de autobus naar de wedstrijden. Bij een thuiswedstrijd (de koeien hadden er de hele week op gelopen om het gras kort te houden) moest je 's morgens de hopen die de koeien hadden achtergelaten, opruimen en lijnen trekken.
De heer Bransen sr. zorgde voor de netten en voor de pot met thee.

Zo kwam het voor bij de Kievieten (Voorthuizen), dat bij een doorbraak we moesten wachten voor twee overstekende paarden. Dan waren er die heerlijke plaatselijke derby's tegen Achterveld en Hooglanderveen. We gaven elkaar geen grassprietje toe.

Bilthoven was de elite van de afdeling. Dat ging zó langs de lijn: "Hèp Sjors, hèp Sjors, zet een punt" en een andere supporter: "druk hem er in Berend."

En zo gezellig om je na de wedstrijd in een emmer water te wassen.

In 1949 moest ik naar Indië en in die twee jaar bleven de kontakten goed; we korrespondeerden elke week.
In 1951 kwam ik terug en toen moest ik wegens studie de klub laten schieten.


Joop Bloemendal

 

Voetbal op lokaal niveau was heel belangrijk voor de plaatselijke bewoners. De mooiste tijden die spelers en toeschouwers hebben beleefd zijn de jaren waarin clubs uit Hamersveld, Achterveld en Amersfoort in dezelfde afdeling speelden.

Voor ons voetballers waren die derby wedstrijden een belevenis. Grote bezoekersaantallen, tussen de 2000 en 3000 mensen, die meestal per fiets op dit soort spektakels afkwamen. Ik realiseer mij nu, dat de mensen van die tijd sombertjes gekleed en mager van postuur waren. Veel meer uitstapjes dan het bijwonen van een voetbalwedstrijd, bestonden er nog niet. Ze hadden geen of nauwelijks een auto, televisie was dichtbij, maar was nog niet echt aanwezig. Er werd weinig geld verdiend en ze werkten hard en lang, minstens 48 uur per week. De mensen in die tijd waren in het algemeen ook niet zo mondig.

De wedstrijden werden over het algemeen binnen een afdelingsgebied gespeeld, dus de reistijden waren niet zo lang. In die hoogtij-dagen stonden de rijen twee dik Voor de inwendige mens werd ook gezorgd. Een man met een bak aan zijn nek kwam langs en verkocht versnaperingen.

Ook toen speelden wij tweemaal drie kwartier,hoewel je nooit meer dan twee punten kon verdienen. 2 voor de winst, 1 voor gelijk en 0 voor verlies. Hoewel het publiek echt wel meeleefde, door te juichen of te schelden, was het niet zo heftig als nu. De spelers liepen op voetbalschoenen met een vrij sterke, harde neus, gemaakt van leer met leren doppen. De bal was ook van leer, dicht gemaakt met een leren veter. Niet zo prettig bij het koppen.

De training een maal per week, stelde eigenlijk niet zo veel, voor net als de trainers, die eigenlijk niet meer in huis hadden dan een sportieve achtergrond.

 

 

Andere bekende namen in de begintijd waren Bep Bransen (zoon van Hubertus, al met 18 jaar in het eerste), Jo en Hans Vrijhoef, Bob Bloemendal en de Glismeijers.

's Maandags hangt de kleding van het gehele elftal bij de moeders Bloemendal en Vrijhoef aan de waslijn; er wordt dan ook wel eens gezegd: "Wat hebben die veel kinderen."

Moet in de begin jaren vijftig de wedstrijd weleens gestaakt worden door het al te opdringende vee, het gebeurt zelfs een keer dat deze niet meer vervolgd wordt. Wat was er namelijk gebeurd? De vereniging bezat drie ballen, waarvan er twee bij reparateur Jan Keizer waren. Met de ene nog aanwezige bal werd de wedstrijd tegen Kieviten gespeeld, die tot overmaat van ramp uiteen spatte. Voor de arbiter zat er toen niets anders op dan de wedstrijd af te blazen. Later werden deze problemen opgelost doordat de club voor een zacht prijsje de afgedankte ballen van het Amersfoortse HVC kon overnemen.

jubleumgids017_sepia.jpg

Een team dat geheel uit Hamersvelders bestond.
Hubertus Bransen (bestuurslid), Duinsbergen sr. (bestuurslid), Willem Kreikamp, Willem Vrijhoef, Arend Osnabrugge, Rob Bloemendaal, Bep Bransen, Jan v.d.Berg, Jan Houtveen, Tonny Broekman, Arie Houtveen, Willem Tijmensen en Hans v.d. Pol

 

 1946-1964: De ene na de andere verhuizing